Levende historie
Het Klooster werd in de jaren vijftig gesticht door paters van de orde van de kruisheren. De orde begon met de verzorging van rooms-katholiek onderwijs voor jongens in het Gooi. In 1947 verhuisden de broeders en de school naar Amersfoort. In dat jaar deden de eerste deelnemers van de school hun (staats)examen en begon men aan het uitbouwen van de school tot een volwaardig Gymnasium en een HBS. Onderwijs werd op dat moment nog in noodgebouwen gegeven, tot in 1956 Het Klooster werd opgeleverd. Al snel had de school ruim 400 deelnemers, het deelnemersaantal bleef groeien tot circa 900 in de jaren zestig.
Er traden vanaf het midden van de jaren zestig geen nieuwe Nederlandse leden meer tot de orde toe; in 1999 waren er nog vier bewoners. De kruisheren besloten Het Klooster te verlaten, voordat het moment aan zou breken dat zij niet meer in staat zouden zijn om het te beheren. Het gebouw staat met de komst van ROC ASA nog steeds in het teken van onderwijs.
Toren
De hoge toren is het meest opvallende element van het gebouw. Het Klooster lag vrij ver buiten Amersfoort, op het hoogste punt in de wijde omgeving, toen buiten bereik van het gemeentelijke waterleidingstelsel. De gemeente was niet erg genegen om een waterleiding naar het afgelegen complex aan te leggen. Dat zou een kostbare zaak zijn geworden. Daarom werd voor de watervoorziening een bron geslagen. Door de toren vervolgens de functie te geven van waterreservoir kon de bouw worden verantwoord en vervielen de bezwaren van de gemeente.